zaterdag, december 27

Latijn - Geschiedenis


Um hallo, de vorige keer was ik een beetje overhaast begonnen met Latijn. Ik had gewoon een stukje van het boek overgeschreven om eerlijk te zijn. Maar nu in dit bericht ga ik schrijven hoe de Latijnse geschiedenis ongeveer is gelopen:

Een stad in Klein-Azië (Turkije) genaamd Troje kwam in oorlog met de Grieken, omdat de Trojaanse prins Paris de Griekse prinses Helena had meegenomen. Dat pikte de Grieken dus niet. Ze kwamen met een vloot van duizend boten, en wel honderdduizend krijgers. De oorlog die daar dus ontstond tussen hen, duurde 10 jaar lang. In die 10 jaar sneuvelde vele helden waar onder de grote held van de Trojanen Hector. Bij de Grieken sneuvelde Achilles. Toen de Grieken hoorden dat hun grote held gestorven was zakte hun moed in de schoenen. Maar Odyseus (ook een held) bedacht een list. Hij zei dat de Grieken een heel groot paard moesten bouwen. Daar in zouden de 20 dapperste krijgers van de Grieken (waar onder Odyseus ook) in gaan zitten. De Gieken lieten het paard zo achter op het strand en vertrokken naar het dichstbijzijnde eiland. De Trojanen dachten dat de Grieken waren vertrokken en begonnen uitbundig feest te vieren. Ze dachten ook dat het grote Paard een geschenk van de Goden was. Ze namen het mee de poorten in en gingen verder met feestvieren. De Grieken die in het paard zaten, klommen er uit en overrompelde de wachten en deden de poorten open. De rest van de Grieken die ondertussen naar de stad was toegeslopen ging de stad binnen en richtten er een hele slachting aan. De Trojanen waren totaal verrast door de Grieken en konden zich niet verweren. De Trojanen die zich wel verweerde werden genadeloos afgeslacht. Onder het strijdgewoel wist de Trojaanse prins Aeneas met zijn gezin te ontkomen. Ze vluchten uit de stad weg op zoek naar een nieuw vaderland.

Op zee belandde Aeneas zijn familie en nog een paar andere vluchtelingen in een storm. De storm was zo hevig dat bijna alle schepen werden verwoest. De schipbreukelingen kwamen aan wal in Carthago. Dat was een stad aan de Afrikaanse kust in de buurt van het tegenwoordige Tunis. De Trojanen werden daar gastvrij ontvangen en wilden hier voor altijd blijven. Maar de Goden wilden niet dat dit de eindbestemming was van de Trojanen, het 'Nieuwe Troje (nova Troja - latijn)' moest opgebouwd worden in het tegenwoordige Italië. Dus de Trojanen vertrokken met pijn in hun hart naar Italië. Daar aangekomen kwamen ze het volk van Latium tegen. Zij ontvingen de Trojanen net als de Carthagen gastvrij. Eenmaal aan tafel gekomen was Aeneas niet weg te houden van de prinses van het volk van Latium Lavinia. Haar vader gaf Aeneas zijn dochter als bruid. De nakomelingen van Aeneas en Lavinia stichtten later Rome dat uitgroeide tot de grootste stad van de wereld.


Dit verhaal was allemaal opgeschreven door de Romein Vergilius. Het verhaal was in de vorm van een gedicht geschreven door Vergilius, zo’n gedicht heet een heldendicht, een epos. Vergilius gaf Aeneas in zijn heldendicht een goddelijke opdracht. Dus in feite probeert Vergilius zijn lezers van zijn gedichten te laten zien dat Rome een goddelijke bedenking was. Hij laat zijn lezers ook zien dat voor hem Aeneas de ideale Romein was. Hij stelde zijn goddelijke opdracht als eerste zaak en zijn eigen sociale zaken liet hij achter zich.


Feitelijk had Vergilius de geschiedenis van de stichting van Rome vertelt in de vorm van een epos, heldendicht.


Conclusie Vergilius:

  • is dichter, schrijver

  • is geschiedschrijver

  • is de enigste die echte goed overzichtelijke Latijnse teksten heeft nagelaten voor zijn nakomelingen.
  • Geen opmerkingen: