dinsdag, december 30

Latijn - Tempels


Tempels


In een oude romeinse stad was er altijd wel een of meer tempels te bezichtigen. Zelfs sommige dorpen hadden tempels al waren die wel een beetje aan de kleine kant, maar een dorp was er trots op als het een templum (templum=tempel Latijn) bezat. In grote steden zoals Rome stonden er tientallen tempels. Dat kwam omdat de stad rijk was en zich zo'n groot gebouw kon veroorloven en onderhouden. In elke tempel werd een andere god of godin vereert. De tempel was een soort verblijf voor de goden en godinnen. In een tempel had je een ruimte die helemaal was afgesloten, het had alleen een deur. Die ruimte heette in het Latijn cella. In de cella stond het offeraltaar. Daar brachten de priesters of de mensen zelf hun offers aan de god of godin die ze gunstig wilden stellen. In de cella stond ook meestal een heel groot beeld van de god of godin zelf. Als je dan de deur open deed en het licht viel naar binnen kon je de mooie versierde beelden bewonderen. Met diamanten versierd. Hier en daar een robijn. Soms van massief goud. Nee, dit is het mooiste van het mooiste van de tempel. En als een tempel werd geroofd werd meestal het beeld ook meegenomen (althans de waardevolle dingen).



Ik heb hier een plaatje van een Latijnse tempel (getekend).

Geen opmerkingen: